Het Water

Bij het zien van het strand ren ik op twee lege strandstoelen af. Ze volgt me langzaam, alsof ze nadenkt, alsof ze nog even twijfelt of ze toch vandaag niet liever aan het zwembad ligt. Maar gelukkig lacht ze terug op het moment dat ik vanaf de strandstoelen naar haar zwaai. Zag ik haar nu naar me toe komen huppelen, of verbeeld ik het me maar? Nadat ik de handdoeken op de strandstoelen heb gelegd, plof ik met een grote glimlach op mijn gezicht en een gelukkig gevoel op de strandstoel. Net op het moment dat ik mijn ogen sluit om even een dutje in de stralende zon te doen, voel ik dat iemand mij van mijn stoel afgooit. In mijn val neem ik haar mee, zodat we allebei tegelijk in het zachte mulle zand terecht komen. “Je denkt toch niet dat je hier de hele dag een beetje lui kan gaan doen hè, vreetzak?” zegt ze terwijl ze nog een hand zand over me heen gooit. “Kom luie donder, we gaan zwemmen!”

Dit keer ben ik de gene die aarzelend achteraan loopt. De rollen lijken even volledig omgedraaid. Waar zij nu haast maakt om het water in te komen, ben ik even de gene die nadenkt. De gene die even een moment het verleden op de horizon projecteert. Na vijf seconden draait ze zich om en kijkt naar me. “Kom je nog?” vraagt ze met smekende ogen. In een flits bedenk ik me nog even dat ze met die ogen al heel wat voor elkaar gekregen heeft en vervolgens ren ik achter haar aan, tot ik naast haar sta. Ik plons in het water, precies naast haar en maak genoeg water om haar voorhoofd nat te kunnen spetteren. “Sorry schat!” zeg ik nonchalant en zwem snel van haar weg.

Natuurlijk komt ze me achterna, dus ik zet alle zeilen bij om nog even voor haar uit te kunnen zwemmen. Dat lukt, tot ik me overgeef. Met mijn armen in de lucht doe ik alsof ik met een witte vlag zwaai, in de hoop dat het dan nu vrede is. Want, zo werkt het toch?
Ik vraag haar of ze de rode boei daar in de verte ziet liggen. Ze knikt. “Als jij er als eerste bent, dan draag ik je zometeen het water uit, het strand op, tot aan je stoel” daag ik haar uit. In plaats van antwoord te geven begint ze al te zwemmen, waardoor ik meteen al tegen een flinke achterstand aan kijk. Ik haal haar bij, ga naast haar zwemmen en steek mijn tong uit, genietend van de competitie tussen ons beiden. Daarna zwem ik van haar weg en kijk verderop achterom, om te zien hoe ver weg ze al is. Dat valt vies tegen, want voor ik het door heb, is ze me al weer voorbij en zijn we vlak bij de boei.

Ik laat haar winnen, zoals ik wel vaker doe. Niet dat ze me ooit heeft geloofd dat ik dat doe, maar ach. Vlak voor de boei steek ik mijn armen omhoog. “Ik kan niet meer, help! Ik verdrink!” roep ik en zink richting de bodem van de zee. In plaats van me te redden springt ze op mijn nek en duwt me verder de zee in. “Dat zal je leren!” roept ze uit zodra ik proestend en hoestend boven water kom en me stevig aan de boei vasthou om op adem te komen. Gelukkig is het water vandaag rustig en heb ik even een moment om uit te puffen. Dat was gisterenavond wel anders, toen er veel hogere golven het strand op kwamen rollen. “Hee, als jij nou eens naar dat lifeguard hokje loopt en vraagt of ze even op de knop willen drukken om de golven aan te zetten, dan kom ik terugzwemmen” vraag ik haar terwijl ik haar diep in haar ogen kijk. “Pff, het is toch geen golfslagbad, gek!” En trouwens, jij zou me naar mijn stoel dragen, dus echt niet dat je hier blijft” lacht ze. Ze kust me. “Je hebt het zelf beloofd!”.

Er zit niets anders op en zodra we bijna het water uit zijn, til ik haar op. Dat gaat redelijk, tot ik een paar passen het strand op ben gelopen. Op dat moment is ze plots weg, weg uit mijn armen, verdwenen. Ik kijk om me heen waar ze is gebleven, maar ze is echt weg. Even plots als ze gekomen was, was ze weer weg. Zodra ik terug het water in loop, voel ik haar weer in de buurt. Maar zodra ik het strand weer op loop, ben ik haar weer kwijt. Ik loop een paar keer heen en weer, blijf een kwartiertje op mijn strandstoel liggen, loop daarna nog een keer het water in. En ja hoor, daar zie ik haar in de verte op het strand staan. Maar zodra ik het water weer uitloop, zie ik helemaal niemand meer.

Alsof zij het water is en de rest van de wereld het land. Ja, misschien is dat wel de enige juiste verklaring.

No comments

Post a comment

  
Remember personal info?

/
 

Notify:
Hide email:

Small print: All html tags except <b> and <i> will be removed from your comment. You can make links by just typing the url or mail-address.
Powered by Pivot. RSS Feed & ATOM Feed