De rivier heeft altijd gelijk

De klok van de in de Middeleeuwen gebouwde Grote Kerk begint te slaan. Hij telt mee bij elke slag. Een, twee, drie, vier. Na een totaal van twaalf slagen is het opnieuw angstvallig stil in het dorp. Het enige wat nog hoorbaar is, is de kolkende rivier, welke op dit punt versmalt. Hij draait zich langzaam om en kijkt peinzend naar de kerk. Niet dat hij veel kan zien, het is twaalf uur 's nachts en alleen een klein streepje van de maan, hij vindt het net een croissant, maar volgens bronnen officieel wassende maan wordt genoemd en de grote zilveren lichtgevende wijzerplaten van de kerk geven een klein streepje licht rondom de oever van de rivier. Niet dat hij licht nodig heeft, hij kent dit grindpad langs de rivier goed genoeg. Sterker nog, in het donker geeft deze plek op de wereld hem een veel rustiger en veiliger gevoel dan overdag, waar je de af en toe woest kolkende rivier als een bedreiging zou kunnen zien. Als het donker is geeft deze plek langs de kolkende rivier hem juist de rust die hij nodig heeft. Dit was dan ook precies de reden waarom hij hier zo vaak op dit late tijdstip te vinden was. Soms stond hij daar eventjes, soms een half uur. Soms ging hij aan de oever zitten, soms wandelde hij een stukje. Maar als hij zichzelf tijd wilde gunnen om na te denken, dan was hij hier.

Vandaag viel hem, met het kleine beetje licht wat er is, op dat de rivier hoger staat dan normaal. Het is alsof de rivier de persoonlijke waterstand probeert te visualiseren van de persoon die, als enige in de wijde omtrek, op dit moment aan de rivier staat. Hij peinst, heeft de rivier tot heden niet altijd gelijk gehad? Altijd als hij het allemaal niet meer zag zitten en hij stond hier, op deze aangenaam rustige, maar misschien toch ook bijna angstaanjagende plek, leek de rivier bijna buiten zijn oevers te treden. Was het niet vlak na de laatste keer dat zijn leven compleet instortte, dat het land rondom de rivier volledig onder water liep? Hij zette een stap terug richting de kerk. Een stap terug van de hoge waterstand. Op dat moment besefte hij dat hij, naast hier een stap terug te doen, dit ook moest doen in zijn eigen leven. Hij zou er even voor moeten zorgen dat zijn eigen rivier niet zou kunnen overstromen. Er even voor zorgen dat het water binnen de perken blijft.

Hij bukt en grijpt op gevoel een zo plat mogelijke kei. Met een atletische aanloop werpt hij de kei in het water. De, zo te zien goed uitgekozen kei, stuitert driemaal op het water voordat deze verdwijnt op de bodem van de rivier. Hij begon inmiddels een kei te worden in het gooien van keien, zo vaak had hij inmiddels dit kunstje al geoefend. Dat is dan ook exact wat hij op dat moment beseft: hij is hier te vaak. Thuis had zijn vrouw zich inmiddels ook al beklaagd. Maar hij blijft haar voorhouden dat hij zijn gedachten op orde kan houden door bijna elke avond even een stukje te gaan wandelen en zijn gedachten de vrije loop te laten gegaan. En eigenlijk is dat ook de volledige waarheid, hij vertelt er thuis alleen nooit bij dat hij tijdens deze wandelingen elke keer weer aan het twijfelen is over hoe hij nu verder moet. Hoe zij, gelukkig samen, nu verder moeten. Of dit nu wel helemaal is wat hij graag wil.

Wil hij eigenlijk hier, ondanks het mooie dorp en de ontzettend fijne plek aan de rivier, niet liever weg? Het land uit? Naar een plek ver van deze wereld, waar hij misschien niet elke dag de behoefte heeft zijn gedachten op orde te brengen? Maar elke keer dat hij hier aan de rivier staat, probeert hij te beseffen wat er nu precies is, wat nu het juiste antwoord is en waar zijn gevoel nu vandaan komt. Want het lijkt heel erg duidelijk, voorlopig vindt hij hier de rust toch nog niet helemaal. Hij wandelt terug naar zijn kleine arbeiderswoning aan de rand van het dorp en zucht nog eens diep, voordat hij de deur opendoet, zich omkleedt en naast zijn vrouw in slaap valt, om morgen weer verder te gaan met het zoeken naar de antwoorden op zijn buitengewoon lastige vragen.

Vakantie Turkije (oktober 2009)

Vanavond bedacht ik me opeens dat ik mijn opnames van de korte vakantie in Turkije in oktober afgelopen jaar nog helemaal niet bewerkt had. De zestien minuten materiaal, overwegend toch vrij statische beelden omdat ik uiteindelijk na veel regen toch nog een paar dagen van de zon heb genoten en dus niet heel veel heb uitgevoerd, zijn nog teruggebracht naar ongeveer drie en een halve minuut. Niet heel erg boeiende opnames dus, maar voor mij wel een paar dagen lekker relaxen in 30 graden, terwijl het in Nederland al een stuk kouder was.

Hieronder de video!

Vandaag

Want vandaag is morgen niet,
want morgen is een compleet andere dag.
Maar morgen weet ik het zeker,
want morgen zullen de vogels weer fluiten.

Morgen is,
alsof het weer lente wordt,
want ja, morgen zullen de vogels weer fluiten,
dan fluiten ze speciaal voor jou en mij.

Opstaan, anders ben je te laat terug

Hij miste haar. En dat was exact de reden, waarom hij na drie lieve woorden besloot, ondanks dat ze elkaar net een paar dagen hadden gezien, weer naar haar toe te komen. Hij had maar behoefte aan één ding: in haar armen vallen en even helemaal nergens meer aan denken. Hij besloot haar te verrassen en zei niet precies hoe laat hij aan zou komen. De weg wist hij inmiddels uit zijn hoofd. Hij had hier van de week nog gereden, de andere kant op, na een moeilijk afscheid. En nu was hij er alweer? Bij aankomst werd hij gesnapt. Ze had precies door dat hij aan kwam lopen en stond dus al te wachten. "Maar dan moet je morgen wel vroeg opstaan hè, anders ben je morgen te laat terug!" riep ze uit. Het klonk twijfelachtig, alsof ze liever had dat hij helemaal niet meer vertrok. Hij wilde dat ook liever niet, maar helaas, niet alles was mogelijk. Hij zou morgenochtend gewoon weer op tijd terug moeten zijn zijn, want de mini-vakantie was voorbij.
Naast haar valt hij in slaap. Midden in de nacht wordt hij wakker en draait zich om. Hij ziet dat het alweer drie uur is. Nog drie uur te gaan dus, dan moet hij hier alweer weg, haar verlaten, haar alleen laten. Zuchtend slaat hij zijn armen om haar middel en probeert met zijn ogen de wijzers van de klok terug te duwen. Maar nee, vijf minuten later is het toch echt gewoon vijf over drie.

Tring, de wekker gaat. "Verdomme, nee hè" denkt hij. Hij wil niet opstaan, hij wil nog lang niet wakker worden, hij wil nog niet weg. Zuchtend en steunend staat hij op, terwijl ook zij uit bed stapt en heel lief een broodje voor hem smeert. "Nou schat, ik moet echt weg nu, anders ben ik te laat terug." zegt hij, terwijl hij met tranen in zijn ogen haar aankijkt. Hij slaat zijn armen om haar heen en zo blijven ze zo'n vijf, misschien wel zes minuten staan. Zonder één woord. "Ik hou van je" weet hij nog net uit te brengen en loopt met een betraand gezicht weg. Ze kijkt hem na, tot hij helemaal weg is.

Nog geen vijftien kilometer later zet hij de auto ergens op een parkeerplaats stil. Hij barst in snikken uit en probeert met bevende handen een SMS'je te sturen: "Ik meen het: Ik mis je. Nu al." en verzendt dit naar haar. Hij gooit zijn GSM achter in de auto en rijdt verder. Amper vijf kilometer verder stopt hij weer en stapt uit. Naast de parkeerplaats staat een bankje en hij gaat zitten. "Wat ben ik toch aan het doen?" bedenkt hij zich. Hij voelt zich ontzettend raar. Hij heeft het gevoel haar vreselijk te missen, terwijl hij haar nog geen half uur geleden nog heeft gezien, vast heeft gehouden, een kus heeft kunnen geven.
Hij belt zijn verplichtingen af en zegt dat hij nog een paar dagen vrij neemt. Vervolgens SMS't hij haar met de mededeling dat hij zijn afspraken heeft afgezegd en dat hij heel graag nog even terug komt. "Vind je dat erg?" schrijft hij. Zijn vingers gaan bevend over het toetsenbord, alsof hij zijn eerste dag in een afkick kliniek doormaakt. Hij stopt zijn GSM in het handschoenenkastje van zijn auto, sluit de auto af en loopt een rondje op de plaats waar hij zijn auto geparkeerd heeft. De frisse zomerlucht wappert door zijn haren en giert door zijn longen. Terug bij de auto aangekomen ziet hij een berichtje op zijn telefoon. Dat hij natuurlijk terug mag komen. Er staat niet in dat zij haar ook mist, maar hij hoopt het maar.
Zo snel als ongeveer wettelijk gezien mag rijdt hij terug. Vlak voor hij terug is, stopt hij nog even bij het benzinestation en koopt twee broodjes gezond. Eenmaal een ciabatta, en eenmaal een baguette. Eenmaal met ei, en eenmaal zonder ei.

Teruggekomen legt hij de broodjes op tafel, kijkt haar aan, maar zegt geen woord. Hij slaat, net als ongeveer anderhalf uur geleden, zijn armen om haar heen, maar weet nu dat hij echt alle tijd heeft. En die tijd neemt hij maar al te graag. Zo staan ze daar een minuut of tien, zonder een woord te zeggen. Het enige wat hij geprobeerd heeft te zeggen is dat hij haar nooit meer los wil laten.
Na tien minuten probeert hij met zijn rechterhand een hartje te tekenen op haar rug. Hij weet niet of hij begrepen wordt, maar eigenlijk maakt het hem niet eens zo gek veel uit. Hij is hier, dicht bij haar, en dat is meer dan genoeg, meer dan hij ooit had durven hopen.

"Wat gaan we doen vandaag, schat?" roept hij, na tien minuten niks te hebben gezegd, plots dolgelukkig uit. Lachend roept ze naar hem: "Wat wil je vandaag gaan doen? En tot wanneer blijf je?"

OV-chipkaart ellende

Al jaren ben ik in het bezit van een NS Voordeelurenkaart. Deze is al enige tijd geleden gecombineerd met een OV-chipkaart. Dat klinkt buitengewoon handig, daar ik binnen mijn woonplaats, Rotterdam, op dit moment met het metrostelsel alleen nog maar met de OV chipkaart kan reizen. Daar zo'n 95% van het gebruik van het openbaar vervoer door mij binnen Rotterdam ligt, gebruik ik de OV-chipkaart ook in de tram binnen Rotterdam, omdat ik anders ook nog weer met losse strippenkaarten rond moet lopen (je blijft bezig!).

Enige tijd geleden stapte ik op zaterdagmorgen in tramlijn 8, vanaf station Rotterdam-Noord richting het centrum van Rotterdam. Ik probeerde in te checken in de tram door middel van mijn gecombineerde OV-chipkaart met NS Voordeeluren abonnement. Ik verwachtte een piepje met een melding dat ik ingecheckt was. Maar nee, ik kreeg helemaal niets. Voorin de tram kon ik de conducteur van de tram ontdekken (tramlijn 8 is een conducteurstram) en gaf hem aan dat mijn OV-chipkaart niet wilde inchecken. Na controle met de apparatuur die deze conducteur bij zich had, leek het er op dat de OV-chipkaart stuk was: ook hij kon 'm niet meer uitlezen.

Wat nu? Van de vriendelijke conducteur mocht ik meereizen tot aan mijn bestemming in Rotterdam Centrum. Na mijn plicht in het centrum van Rotterdam (boekwinkel Donner) ben ik maar even naar het Centraal Station gelopen om als eerste bij de RET klantenservice na te vragen bij wie ik nu moest zijn met problemen. Dit bleek de NS te zijn, welke gelukkig 100m verderop zit. Bij de NS klantenservice balie reageerde de vriendelijke vrouw met 'U bent niet de eerste meneer, maar als u boven (bij het loket) een formulier invult, krijgt u een vervangende Voordeelurenkaart en wordt uw oorspronkelijke kaart met OV-chip opgestuurd). Zo gezegd zo gedaan. Bij NS nog even geverifieerd: dit is kosteloos.

Binnen 3 weken had ik een nieuwe kaart binnen. Met de mededeling dat NS de kapotte kaart gratis heeft vervangen en de oude kaart, ten behoeve van vernietiging en het kunnen terugstorten van het saldo wat er nog op stond, aan TransLink had gestuurd. Daarna bleef het angstig stil.

Tot eind december 2009. Een brief van TransLink/ov-chipkaart lag in de bus, en deze wil ik jullie niet onthouden:

Onderwerp: Beëindiging OV-chipkaart
Pardon? Beëindiging? Je bedoelt vervanging?

"U heeft een OV-chipkaart aan ons getuurd met een verzoek om beëindiging van deze kaart"
Nee, NS heeft een OV-chipkaart aan TransLink/OV-chipkaart gestuurd omdat deze kapot bevonden is. Bij wie ben ik nu klant, bij NS of bij NS en TransLink/OV-chipkaart? Ongetwijfeld heb ik in een ver verleden een nieuwe set Algemene Voorwaarden gehad toen de NS voordeelurenkaart werd geïntegreerd met een OV-chipkaart, maar dit maakt het niet echt duidelijker.

Het resterende saldo op de OV-chipkaart wordt automatisch op onderstaande rekening gestort, na aftrek van administratiekosten
PARDON? Wat is dat voor onzin? Naast dat NS mij heeft aangegeven dat e.e.a. kosteloos was (voor NS zaken dus, plotseling niet voor OV-chipkaart zaken?) is dit natuurlijk pure onzin. Ik heb in mijn hele leven nog nooit meegemaakt dat als ik met een strippenkaart in het OV reisde, dat de buschauffeur mijn strippenkaart, met nog twee strippen leeg, verscheurde met de reactie "Ja meneer, administratiekosten voor het feit dat ik u moet afstempelen!". Ik heb in mijn hele leven nog nooit meegemaakt dat ik een computer kocht, dat deze na enkele maanden (binnen garantieperiode) stuk ging, deze werd gerepareerd en dat bij terugkomst bleek dat de harde schijf er uit was verdwenen. "Ja meneer, dat zijn administratiekosten, koopt u maar een nieuwe harde schijf!".

Zo kan ik nog wel een paar voorbeelden noemen...

Gelukkig ben ik niet alleen, mijn vrienden bij de ANWB (zie dit artikel) zijn blijkbaar ook verontwaardigd over de kosten die worden berekend. Van mijn 12 euro 26 saldo (en wie zegt dat dit klopt? Ik print niet na elke reis de historie uit, want dat kan bij mijn lokale OV-chipkaart oplaad automaat niet..) blijft dus nog 9,76 euro over.

Als klap op de vuurpijl (leuke woordgrap in deze tijd van het jaar) maakt OV-chipkaart het nog bonter: "Binnen enkele dagen wordt 9,76 euro overgemaakt naar het rekeningnummer eindigend op de cijfers 943." Nu breekt mijn klomp echt. Ik heb geen rekeningnummer eindigend op de cijfers 943! En de NS incasseert toch elk jaar netjes de kosten voor het NS Voordeeluren abonnement, dus ik mag er toch vanuit gaan dat NS het juiste rekeningnummer door heeft gegeven aan TransLink?

Het toetje van de brief geeft trouwens aan dat TransLink/OV-chipkaart de 2,50 euro administratiekosten eigenlijk zelf ook nergens op vindt slaan: "Deze brief is automatisch aangemaakt en daarom niet ondertekend" Tijd voor een klachtenbrief, zowel naar NS als OV-chipkaart. Zullen we dan maar 25 euro administratiekosten factureren aan TransLink/OV-chipkaart voor de tijd die me dit kost?

Ondertussen vraag ik me toch af. Wat mag ik als consument verwachten als economische levensduur van zo'n OV-chipkaart? Ze verlopen na 5 jaar, mag ik er dan van uit gaan dat de kaart vijf jaar mee gaat? Is er een jurist in de zaal die dit kan toepassen op het consumentenrecht? Ik ben benieuwd.

Powered by Pivot. RSS Feed & ATOM Feed